Home

Tvp21 02omslag kijk verder

Tijdschrift voor Psychiatrie 58 (2016) 12, 901 - 901

Detijdstroom kompas cover

Kinder- en jeugdpsychiatrie

Kompas kinder- en jeugdpsychiatrie

Frits Boer, Frank Verhulst

De Tijdstroom, Utrecht, 2014 200 pagina’s, isbn 978-90-589-8267-4, € 28,-

Bij de per 1 januari 2015 doorgevoerde ingrijpende wijziging in de financiering en organisatie van de jeugd-ggz, inclusief de kinder- en jeugdpsychiatrie, werden beide onderdeel van de jeugdzorg, die voor de financiering onder de gemeente valt (transitie). Hiermee samenhangend is de regie voor de zorg die geleverd wordt in handen gekomen van de lokale gemeenschap, dus de nulde en de eerste lijn (transformatie). De achterliggende visie is om meer kinderen te helpen in de nulde en eerste lijn, dus problemen dicht bij huis en school op te lossen, en verwijzingen naar de tweede lijn tegen te gaan. Maar dit schept natuurlijk ook een selectieprobleem: welke kinderen met welke problemen wanneer te verwijzen, naar de generalistische basis-ggz en/of direct of uiteindelijk naar de specialistische ggz?

Dit Kompas kinder- en jeugdpsychiatrie is bestemd voor medewerkers in de jeugdzorg, praktijkondersteuners-ggz (poh-ggz), basis-ggz, jeugdgezondheidszorg en het onderwijs. De auteurs beogen een kader te schetsen en aanwijzingen te geven voor adequaat verwijzen.

Met dit boek slagen zij daarin op uitstekende wijze. Het is zeer helder geschreven, geeft een goede beschrijving van hoe hulpvragen rondom kinderen kunnen ontstaan, hoe je een beeld krijgt van een kind, zijn/haar problemen en de omgeving, bij welke problemen een psychische stoornis wordt vermoed, en hoe de ernst daarvan dient te worden ingeschat. De positie en rol van de kinder- en jeugdpsychiatrie kunnen dan drieërlei zijn: eerste keuze van verwijzing, incidenteel of structureel consult, en ‘achter de hand’ houden.

De auteurs behandelen ook hoe je een gesprek met een kind kan voeren, wat de kenmerken zijn van de belangrijkste stoornissen, en wat de kinder- en jeugdpsychiatrie te bieden heeft. Er is een apart hoofdstuk gewijd aan spoedeisende situaties, zoals suïcidaliteit, kindermishandeling, delier, manie, psychose, overdosering en middelenmisbruik.

Het enige schoonheidsfoutje kwam ik tegen bij het verwijspatroon van gedragsstoornissen. Terwijl men bijvoorbeeld bij de angststoornis een onderscheid maakt in licht-matig (kinder- en jeugdpsychiatrie achter de hand) en ernstig (verwijzen), gebeurt dit niet bij de gedragsstoornis; hier blijft de kinder- en jeugdpsychiatrie achter de hand. Dit lijkt me niet juist. Als er een stoornis is die door de kinder- en jeugdpsychiatrie schromelijk is verwaarloosd, is dat de gedragsstoornis. Voortdurend ernstig agressief en normoverschrijdend gedrag komt niet alleen en slechts ten dele voort uit ongunstige sociale omstandigheden, maar vraagt om een degelijke psychiatrische diagnostiek en indicatiestelling.

Ik zou zeggen: verplichte stof voor wethouders en andere zorginkopers voor de gemeenten, leden van het wijkteam, politici en andere beleidsmakers. En natuurlijk, het is ook voor opvoeders zeer geschikt.

J. Buitelaar, Kinder en jeugdpsychiater, Nijmegen