Home

Tvp20 01omslag kijk verder

Tijdschrift voor Psychiatrie 59 (2017) 4, 257 - 258

Cover plasman

Algemene psychiatrie

De intuïtie van de psychiater. Een pleidooi voor stille signalen in therapie

Kristiaan Plasmans, Geert Van Asten

De ontwikkeling van de hedendaagse ggz, waarin een overmatig belang wordt toegekend aan gestandaardiseerde behandeltrajecten, oppervlakkige rom-data en een ontoereikend diagnostisch classificatiesysteem, baart velen zorg. Met wetenschappelijke argumentatie kunnen deze tendensen overtuigend bekritiseerd worden. In het Nederlandse taalgebied is dat indringend beschreven in Goede ggz! (Delespaul e.a 2016).

De bezorgdheid over de ggz is ook het startpunt van De intuïtie van de psychiater, geschreven door de Vlaamse psychiaters Kristiaan Plasmans en Geert Van Asten. Waar Goede ggz! de afslag neemt naar een nieuwe oriëntatie, ordening en financiering, gaat dit boek de narratieve diepte in naar de spreekkamer van de individuele psychiater/psychotherapeut.

De auteurs betogen hoe intuïtie een voorwaarde is voor elk profijtelijk behandelcontact en dat elk gesprek met de patiënt bijzonder en in zekere zin onvoorspelbaar is. Dat noopt tot creativiteit, flexibiliteit en het oppakken van stille signalen: subtiele, lichamelijk geuite tekens waar de behandelaar zich voor open kan stellen. De hierbij benodigde intuïtie is de complexe interactie tussen aanvoelen, afstemmen en bewuste sturing. Veel aandacht is er voor wat het lichaam, onbewust, laat zien aan emoties en behoeften. In het hoofdstuk met als titel ‘Inlevende lijven’ wordt deze benadering helder uitgewerkt.

In de onderbouwing maken de auteurs losjes gebruik van het werk van auteurs zoals Fonagy, Damasio en Lacan, van de neuropsychoanalyse en van de fenomenologie. Zij gebruiken wat hen van pas komt om deze denkrichtingen tot leven te laten komen in de praktijk van de psychotherapie. Het geheel wordt geïllustreerd aan de hand van vele aansprekende patiëntvignetten. Wellicht is enige theoretische
kennis van de toegepaste stromingen wel nodig om alles goed te kunnen plaatsen.

Het boek inspireert, maar laat de lezer ook in dubio. De afslag terug naar de wetenschap wordt niet genomen en mogelijkheden om vanuit een bredere wetenschapsopvatting betekenisvolle en gepersonaliseerde uitkomsten te genereren, worden niet benut.

Het maakt dat een psychiater die zijn of haar werkwijze met geaggregeerde rom-data en kostenberekeningen per patiënt moet zien te verkopen aan zowel collegae in de eigen instelling als aan zorgverzekeraars, enigszins met lege handen staat. Hoe maken we de werkelijkheid van het onmeetbare overtuigend voor derden? Door het op fenomenologisch niveau op te schrijven maken de auteurs een lezenswaardige eerste stap. Ik hoop echter dat zij zich uitgedaagd voelen de volgende stap ook te nemen.

  • Delespaul Ph, Milo M, Schalken F, Boevink W, van Os J. Goede GGZ! Leusden: Diagnosis; 2016.

    Lannoo Campus,

    Tielt

    163 pagina’s,

    isbn 978-94-014-3612-0,

    24,99

R. Van, psychiater, Arkin, Amsterdam